Wies met mekaor in bijzondere tijden

In deze coronatijden deelt Interzorg graag verhalen uit haar verzorgingstehuizen onder de titel: ‘Wies met mekaor in bijzondere tijden’. Leest u hier het verhaal van vrijwilliger Imelden.
We applaudisseren onlangs massaal voor de mensen in de zorg. Dan denken we aan verzorgenden, verpleegkundigen en artsen. Maar één groep blijft vaak onderbelicht: de vrijwilligers. Zonder hen zag het leven voor cliënten in zorginstellingen er een stuk minder kleurrijk uit. Iemand die deze kleur brengt, is Imelden Dorenbos. En naast vrijwilliger is ze ook nog ‘echtgenote van’. Een dubbelrol die ze professioneel en met een hart vol liefde oppakt.
“Ik breng het zonnetje in huis, zeggen ze hier”
Het eerste moment van telefonisch contact met Imelden Dorenbos (71), klinkt het aan de andere kant van de lijn energiek: “Mag ik je straks terugbellen? Ik moet nog even beneden de koffieronde doen!” Wanneer ze later stipt terugbelt laat ze weten: “Ik moet om 11.00 uur wel weer de tafels dekken hoor.” Ze is een bezige bij, deze vrijwilliger van Interzorg De Hoprank in Peize, maar graag maakt ze ook even tijd om te vertellen.

 

‘Ik blijf voor je zorgen’
Imelden is al lang bekend met De Hoprank: 15 jaar geleden ging haar man – Wilte Dorenbos (76) – er voor het eerst naar de dagopvang. “Hij heeft dementie, onder andere”, vertelt zijn vrouw. “Ik heb altijd tegen hem gezegd ‘Ik blijf voor je zorgen’. Maar dat ging op een gegeven moment niet meer. Daarom is hij 5,5 jaar geleden hier komen wonen”, verwijst ze naar De Hoprank. Al heel snel meldde ze zich er toen aan als vrijwilliger. Wat ze precies doet? Ze moet lachen: “Nou, de cliënten zeggen wel dat ik het zonnetje voor ze in huis breng. Maar zonder gekheid: ik doe de koffieronden en help bij het klaarzetten en uitserveren van de maaltijden in het restaurant. En je hebt natuurlijk een maatschappelijke functie, mensen kunnen even hun ei bij je kwijt. Zeker in deze periode.”
Werk & privé gescheiden
‘Deze periode’ brengt Imelden wel in een bijzondere situatie: als vrijwilliger is ze welkom binnen De Hoprank, maar familie van cliënten mogen niet op bezoek komen. Daar gaat ze echter heel professioneel mee om: “Als ik aan het werk ben, ben ik hier als vrijwilliger. Wilte en ik zien elkaar, zwaaien naar elkaar en ik breng hem koffie maar niet meer dan dat. Normaal ging ik na de koffieronde naar hem toe, de rest van de dag. Maar nu ga ik naar huis en dan bel ik hem. Elke dag. Dan hebben we onze gesprekken.”
In haar leefstijl houdt Imelden zich – vanuit haar verantwoordelijkheidsgevoel als vrijwilliger – extra goed aan de coronaregels: “Ik ga nergens anders naartoe en was héél vaak mijn handen. Ik wil niets oplopen of doorgeven, want ik werk met kwetsbare mensen. Al val ik zelf natuurlijk ook in die doelgroep”, merkt ze scherpzinnig op.
Altijd welkom
Nu het bezoek vanwege de coronamaatregelen aan banden is gelegd, zijn de vrijwilligers extra belangrijk voor de cliënten: “Je merkt dat ze het fijn vinden om vertrouwde gezichten te zien. Cliënten zijn zó dankbaar…”, Imelden is even stil. Dan vervolgt ze: “Dat is echt een cadeautje, elke keer weer. Ik merk het in hoe ze me tegemoet treden, in hoe ze me roepen wanneer ze iets willen vertellen… Bij mij zijn ze altijd welkom.”
Het zal niemand verrassen dat Imelden in het verleden maatschappelijk werker is geweest. Haar vaardigheden en tomeloze interesse in de medemens kan ze volop inzetten binnen De Hoprank: “Na mijn pensioen wilde ik met mensen bezig blijven, dit werk geeft echt zin aan je leven.”
En wanneer de regels worden versoepeld, wat is dan het eerste wat ze gaat doen? “De hele dag bij Wilte zijn. Ja, dat zou ik graag willen. Weer thuis zijn bij elkaar.”